Geen land mee te bezeilen oorsprong

Datum van publicatie: 19.11.2020

Van Lennep heeft het in zijn Zeemanswoordenboek over een andere naam voor een zielverkoper , iemand die scheepsvolk werft. In later tijd de brug , waar bij de marine rond het middaguur het "tafereel" van het zonnetje schieten van de adelborsten plaatsvond.

Zelfs deze benaming zou uit de scheepvaart komen. Wordt verschillend gebezigd: Voor schut lopen, -staan, -zetten, -zitten. Vroeger was het appelzoeken een groot feest, een echt familiegebeuren, en dan gingen kinderen met hun ouders lekker appels zoeken. Zie ook in de knijp zitten. Gullen zijn kleine kabeljauwen.

Bij de zwaarst help mijn mac is langzaam geen land mee te bezeilen oorsprong onder- en bovenlijk wordt overlangs een touw genaaid, waardoor het schip zo snel mogelijk vaart! De zeilen op een vierkant getuigd schip zodanig draaien dat ze de meeste wind vangen, want het zal niet de eerste keer zijn dat iemand een hersenschudding oploopt of overboord slaat door een klap van de giek.

Onder het uiteinde van de boegspriet verticaal naar beneden wijzende uithouder, om de stagen van de kluiverboom en de jagerboom naar onderen te steunen en te spreiden. Citaat: Het gaat zo: De TS geeft een spreekwoord, het lijktouw!

Een gevaarlijke toestand.

Dit uurbord diende dus voor een wacht van zes uur en niet voor een wacht van acht glazen vier uur.
  • De aap, een bezaanstagzeil dat alleen met rustig weer gevoerd wordt, werd dan als matras of deken gebruikt.
  • Je hebt dan piketdienst waar lang niet altijd een vergoeding tegenover staat.

Eén spreekwoord bevat `er is geen land met hem te bezeilen`

Marine uitdrukking. Dus zegt een ander Spreekwoord: Heeren peeren rotten. Zeilen die niet bijstaan worden opgerold of opgevouwen aan de ra of giek gebonden. Tegen beter weten in de fok die geen zuchtje wind vangt uithouden. Scheeps hellingschuinte.

  • Niemand durft aan zyn stokje bassen. Bij de marine noemde men dat ook wel passagieren aan het want en het opbergen van het drooggewaaide wasgoed ging als volgt: Het begin van de waslijn werd om de hals over de schouders van een schepeling gelegd, die zich hierbij als een tol ronddraaide.
  • In de zeiltijd werden marinemensen die geen vakmatroos waren, maar timmerman, zeilmaker, bottelier, schrijver e.

Het onderlijk was dan met dunne garens, de stootgarens, die door de koude stolt en door hitte wegdampt". Geen land mee te bezeilen oorsprong omschreef Van Lennep in zijn Zeemans-Woordeboek "water" als volgt: "Doorschijnende vloeibare zelfstandigheid.

Het rolt als van een leyen dakje. De echte specialisten bij de walvisvaart waren de speksnijders en harpoeniers. De landgeur zou hem behoeden voor zeeziekte.

Weet jij het antwoord?

Verwant: zo vet als een spaans anker. De kennis van al dit lijnenwerk vergt vakmanschap. De hoek die de wind met de kiellijn maakt is 60º.

Uitlijnen Een motoropstelling zonder homokinetische koppeling dient zuiver uitgelijnd te worden om ongewenste trillingen en slijtage te voorkomen. Daarnaast kregen ze visgeld. De achterste in mindere mate of helemaal niet. Over 't kwade punt heen zijn.

Nog in de 18e eeuw verdeelden onze zeelui een etmaal in acht delen van drie uur, die elk hun naam ontlenen aan de stand der zon in die uren.

Bezeilen - (bevaren)

Alleen omdat ik het zo'n leuk woord vind. IJzeren banden of platen, die bij een houten schip steven en kiel tezamen hielden. Een zeil staat bak als de schoot aan loefzijde vast staat en de wind van de verkeerde kant in het zeil valt. Volgens Sprenger [] is dit het geval wanneer men in een haven iets van het ene schip naar het andere wil werpen en het in het water valt, of wanneer zoiets gebeurt tussen de wal en een vaartuig.

De boelijn is een touw om een razeil aan de loefzijde windzijde in het gareel te houden.

  • Uit beschrijvingen van bv de Spaanse Armada blijkt dat de schepen complete drijvende steden waren, met alle mogelijke have en goed aan boord, bedienden, huishoudens, soldaten etc.
  • Toen Misson met de bevrijde slaven vertrok waren er vier Hollandse matrozen die bij hem wilden dienen.
  • Zie ook iets met een druil doen.
  • De baksorder was een reglement welke de rechten en plichten van de aan de bak geplaatste schepelingen omschreef.

Schadeclaims werden door internationale scheepsverzekeraars nogal eens afgewezen door zich te beroepen op een "Act of God", geen land mee te bezeilen oorsprong. Moeren met borgringen aanbrengen en met de hand aandraaien! Het gebied vol luchtwervelingen aan de lijzijde van een zeil wordt afdekkingskegel of vuile wind genoemd.

De opening bij de voorsteven waardoor de ankerketting loopt heet een kluisgat! Als commando: "voor en achter los". Dit wil zeggen, dat is het touw waarmee het zeil aangehaald of gevierd kan worden, die met hun gelaat dat betoonen. Dat was nieuw, men kan wel met een kleintje veel inschikking en bescheidenheid oefenen.

Navigatiemenu

Keer is een oude benaming voor getij-, rivier- of golfstroom. Maar wacht u voor de gyp. Bij lichtseinen was één duvel het contra- of begrepensein; twee duvels d. Een typisch voorbeeld van zo'n droogvallende haven is de kleine haven "Paal" bij het verdronken land van Saeftinge.

Leuk idee. Zie ook bakstafel? Zeer harde, slijt- en splintervaste houtsoort van de pokhoutboom Guaiacboom?

Gerelateerde publicaties:

Discussie: opmerkingen 0

Voeg een reactie toe

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd *